1.
Inleiding
In België krijgen jaarlijks 9000 mensen,
voornamelijk vrouwen, de diagnose 'borstkanker' te horen. Elk van
hen staat voor een moeilijk traject. Na de diagnosestelling moeten
zij een intensieve medische behandeling volgen, die ook
psychosociaal belastend is.
De borstkliniek van AZ Groeninge biedt deze
patiënten via een multidisciplinair georganiseerd aanbod een
gepersonaliseerde en toegankelijke opvang gedurende de volledige
behandeling.
2. Principe
Borstkliniek - flowchart instroom patiënten en begeleiding
door borstkliniek
Eerst flowchart plaatsen cfr bijlage
Instroom
van patiënten in borstkliniek:
De borstkliniek is gericht op de diagnose, de
multidisciplinaire behandeling, de opvolging en de revalidatie van
patiënten met kwaadaardige aandoeningen van de borst(en)
overeenkomstig de richtlijnen van het multidisciplinair oncologisch
handboek.
De borstkliniek (borstverpleegkundigen en
klinisch psychologe) biedt als oncokliniek trajectbegeleiding aan
voor alle patiënten die geconfronteerd worden met het
vermoeden van of gediagnosticeerd borstcarcinoom. Deze
trajectbegeleiding gebeurt steeds gratis en vrijblijvend, volgens
de vrije wil van de patiënt.
Deze begeleiding vertaalt zich in het aanbieden
van informatie op maat van patiënt en psychosociale
ondersteuning. Dit vanaf het moment van diagnosestelling tot
en met follow- upperiode cfr bovenstaand schema, voor zowel
opgenomen, als ambulante patiënten.
Het geven van informatie gebeurt door de
borstverpleegkundigen en/of klinisch psychologe, steeds
overeenstemmend met de medische informatie die de arts reeds
meedeelde aan de patiënt. Deze informatie wordt
aangevuld met schriftelijke verduidelijking door middel van diverse
folders, ontwikkeld in de borstkliniek of gerelateerde
diensten/organisaties intra/extramuraal.
De patiënt kan ook steeds op de website van
de borstkliniek: http://www.azgroeninge.be/borstkliniek de
informatie nalezen in begrijpelijke taal, met verduidelijkende
afbeeldingen.
De 2 gynaecologen - chirurgen aangesteld binnen
de borstkliniek, zijn Dr Gracienne Staelens en Dr Philippe
Vercruysse. Er is ook een wachtlijst, waarbij alternerend per
week, nieuw aangemelde patiënten, niet gekend bij Dr
gynaecoloog, doorgestuurd worden naar één van beide
artsen. Op deze manier wordt het tijdschema van de overheid
gerespecteerd en kan de patiënt, indien geen uitzonderingen,
binnen de 10 dagen na diagnose, een operatie krijgen.
De dagdagelijkse werking van de borstkliniek,
staat onder toezicht van de medisch coördinator Dr Gracienne
Staelens. Maandelijks wordt tijdens een overleg met de kerngroep
(samenstelling BK dagdagelijkse werking + afgevaardigde directie
patiëntenzorg) deze werking besproken.
De 2 borstverpleegkundigen zijn voltijds werkzaam
in de borstkliniek, de klinisch psychologe is halftijds verbonden
aan de borstkliniek.
Per kwartaal komt de stuurgroep borstkliniek
samen. De medisch coördinator van de borstkliniek, Dr
Gracienne Staelens, is voorzitter van deze werkgroep
“borstpathologie”. Deze groep bewaakt de
beleidsmatige uitbouw van de borstkliniek en het opstarten en
uitwerken van tijdsgebonden projecten.
3.
Samenstelling dagelijkse werking
Medisch coördinator borstkliniek: Dr
Gracienne Staelens
Borstverpleegkundigen: Mevrouw Myriam Watteeuw en
Mevrouw Tundie D'hont
Klinisch psychologe: Mevrouw Hannelore Veracx
(tijdelijk vervangen door Caroline Thys)
Sociale dienst: Inge Vancompernolle, Leen Sweertvaegher, An
Brouckaert
4.
Samenstelling stuurgroep borstkliniek
Gynaecologie: Dr Gracienne
Staelens (voorzitter - medisch coördinator) en Dr Philippe
Vercruysse
Medische oncologie: Dr
Marleen Borms en Dr Debruyne
Philip
Medische oncologie -
radiotherapie: Dr
Antoon Lambrecht
Medische
beeldvorming: Dr Francis Devlies
Pathologische anatomie: Dr
Herwig Alaerts
Plastische chirurgie: Dr Fabrice Dubrulle en
Dr Emanuel Van Dorpe
Huisartsvertegenwoordiging groep Kortrijk:
Dr Stefanie Vanderbauwhede
Huisartsvertegenwoordiging groep
Waregem: Dr Michéle Verhaest
Nucleaire
geneeskunde: Dr Daniël
Nicolaij
Borstverpleegkundigen en klinisch
psychologe: Mevr. Myriam Watteeuw, Mevr. Tundie D'hont,
Mevr. Hannelore Veracx (tijdelijk vervangen door Caroline
Thys)
Directie
patiëntenzorg: Mevr. Martine Mooren -
zorgmanager cluster 1
Medische registratie -
datamanager: Mevr. Mieke Decaevele
5. Het MOC
(multidisciplinair oncologisch consult) - samenstelling
ziehier
Aansluitend op het MOC, volgen in
campus Kennedylaan, op maandagnamiddag vanaf 14u,
multidisciplinaire consulten. Bij deze consulten zijn als
artsen een gynaecoloog - chirurg, een oncoloog en radiotherapeut en
vanuit de BK een borstverpleegkundige of psychologe aanwezig.
Tijdens deze consulten worden de besproken patiënten ingelicht
over de vooropgestelde behandeling. Dit geeft de patiënt
in kwestie de mogelijkheid om onmiddellijk gerichte vragen te
kunnen stellen en kennis te maken met alle artsen van het verder te
volgen behandelingsschema. Nadien krijgt de patiënt in
de borstkliniek nog wat aanvullende praktische informatie en tijd
en ruimte om bij nood te kunnen ventileren.
6. Klinisch pad
lymfedrainage
Er werd in 2009 een klinisch pad primair operabel
borstcarcinoom opgemaakt. Hierin wordt vooral structuur
gegeven aan de chirurgische fase van de behandeling. Deze is
tweeledig, zijnde tumorectomie en mastectomie.
In uitbreiding van dit klinisch pad, werd ook een specifiek beleid
uitgewerkt omtrent preventie lymfoedeem en opstart
lymfedrainage. Er werden samenwerkingscontracten aangegaan
met externe kinesitherapeuten. Iedere patiënt krijgt
pré- operatief een armmeting (Herpetz-methode) aan de
operatieve zijde.
Patiënten krijgen, na okselklieruitruiming, mobilisatie
postoperatief vanaf dag 2.
Bij ontslag krijgt patiënt een voorschrift voor 30 beurten
armmobilisatie. Op vraag van patiënt wordt een
aangesloten kinesitherapeut uit woonomgeving van patiënt
geselecteerd en aangesproken om deze therapie verder te
zetten. Armmeting wordt herhaald bij ontslag en 1 maand na
operatie.
Bij afwijkende meetwaarden, wordt er lymfedrainage opgestart,
conform Fa - of E-pathologie, steeds in samenspraak met
behandelende arts.
7.
Patiëntendossiers
borstkliniek
Binnen de borstkliniek werd een eigen, specifiek
digitaal patiëntendossier ontwikkeld. Hierin worden alle
administratieve gegevens, alsook medische en familiale status
opgenomen. Borstverpleegkundigen en klinisch psychologe
hebben toegang tot deze dossiers en voeren verslaggeving in van
begeleidingen. Op deze manier wordt continuïteit van
zorg om patiënt bewaakt, ongeacht aanwezigheid van medewerker
borstkliniek.
8.
Borstzorgboekje - transmurale samenwerking met
huisartsen
Er werd begin 2010 een borstzorgboekje
ontwikkeld. Dit werkdocument wordt door patiënt bewaard
en steeds voorgelegd bij bezoek van arts in ziekenhuis of huisarts,
betreffende het borstprobleem.
Dit communicatiemiddel zorgt voor een betere en vlottere doorstroom
van info van specialist in het ziekenhuis naar huisarts en vice
versa.
In dit boekje wordt diagnose, vooropgestelde behandeling,
belangrijke medische informatie, diagnostische en
stageringonderzoeken, wondstatus bij ontslag, contactname en
informatiedoorstroming van borstkliniek opgenomen. Het
verloop van chemo- en/of radiotherapie worden hierin
omschreven. Het follow-upplan van de patiënt tot en met
jaar 10 wordt hierin weergegeven.
De huisarts wordt
door de borstkliniek gecontacteerd bij chirurgische opname van hun
patiënt(e). Hierdoor blijft huisarts op de hoogte van
verloop opname, operatie (sentinelprocedure), kamernummer,
vermoedelijke ontslagdatum en voorstelling van dossier op het
MOC.
9. Folder
borstkliniek
Er is een patiëntenfoldervan de borstkliniek ter
beschikking.
10.
Multidisciplinaire samenwerking
Wekelijks vindt er op donderdag van 9u tot 10u
overleg plaats met sociale dienst, dienst zingeving en
spiritualiteit en palliatief support team. Tijdens dit
overleg worden patiënten besproken in gemetastaseerde status
of met specifieke zorgvraag, waarbij de verschillende actoren hun
zorg op elkaar en op situatie van patiënt
afstemmen.
Ad hoc is er overleg
met betrokken verblijfsafdelingen of dagziekenhuizen om het
zorgaanbod van de borstkliniek up-to-date te
houden.
Er wordt van iedere
patiënt in het algemeen elektronisch dossier een
“slechtnieuwsgesprek”- document aangemaakt en
bijgehouden. In dit document, wordt noodzakelijke en
belangrijke informatie, met respect voor privacy van patiënt,
doorgegeven. Op deze manier krijgen betrokken diensten reeds
belangrijke informatie van patiënt door en kunnen ze hun
opnamebeleid hierop afstemmen. Dit zorgt voor een vlottere en
meer efficiënte communicatie tussen de verschillende
zorgactoren.