2.3.1 Transfusies
1. Bloedtransfusies
A.  Deleukocytering:
  • sinds 2005 is in België alle transfusiebloed gedeleukocyteerd, zodat dit geen aparte vermelding meer behoeft
B. Bloedgroepen:
  • Bloed: steeds zelfde ABO groep en rhesus compatibel  of O en rhesus compatibel
  • Plaatjes: zo mogelijk zelfde bloedgroep. Niet strikt nodig (door het labo wordt hiervoor soms toestemming gevraagd).
C.  Bestraling:
  • Zowel packed cells als thrombocyten
  • Doel: preventie van graft-versus-host disease en CMV (en andere virale) infecties. (is geen preventie van allo-immunisatie)
  • Indicatie:
  • Patiënten die in de komende weken stamcelafname krijgen
  • Patiënte die een stamceltransplantatie hebben ondergaan tot 1 jaar na transplantatie
  • Patiënten in behandeling met Fludara® of Leustatin®
D. Indicaties:
  • packed cells: vanaf Hb < 8 g/dl of klinische symptomen
  • plaatjes:
    • vanaf Plaatjes < 10 x 10E9/L of
    • bij plaatjes < 40 x 10E9/L en klinisch verhoogde bloedingsneiging.
    • Bij plaatjes > 40 x 10E9/L alleen indicatie bij massieve bloeding of geplande majeure chirurgie.

E. Transfusiereacties:
  • Koorts met rillingen, jeuk, huiduitslag tijdens of in aansluiting met transfusie
  • Stop transfusie, laat cultuur nemen van de resterende packed cells of plaatjes
  • 3 hemokulturen bij patiënt
  • 1 gram prodafalgan en indien klinisch ernstig Solumedrol 125 mg IV
  • In principe geen antibiotica starten, tenzij klinisch twijfel over infectie of als koorts langer dan 12 uur aanhoudt.